In 2023 verscheen bij uitgeverij De Geus de bundel De komeet, speculatieve verhalen, onder redactie van Vamba Sherif en Martijn Lindeboom. Kapstok van de verhalen is het kortverhaal De komeet van de Amerikaanse burgerrechtenstrijder W.E.B. Du Bois uit 1920. Aan Nederlandse auteurs met veelal een niet-witte/westerse cultuur, achtergrond of traditie hebben ze gevraagd om in een speculatief verhaal hun eigen visie op de zwart-witverhouding in de samenleving te geven. Dit vanuit de wens om de speculatieve fictie in Nederland diverser en minder wit te maken.
In de bespreking Rassenongelijkheid in De komeet heb ik de verhalen besproken. In dit tweede deel van mijn reflectie op De komeet plaats ik de bundel in de bredere context van de Nederlandstalige speculatieve fictie. Onderaan staat de verantwoording voor beide artikelen.
Verschillende markten, verschillende mogelijkheden
‘In Nederland is er natuurlijk te weinig speculatieve fictie’, zegt een van de schrijvers in het Fantasize-interview. Dit klopt niet. Integendeel, het wordt volop uitgegeven, maar vooral door kleine uitgeverijen zoals Zilverspoor, Quasis, Macc en EdgeZero. Zo zijn het afgelopen jaar de verhalenbundels Bloedzuigers in de polder (EdgeZero), De bar met de duizend deuren (Macc) en Charlatans (Godijn) verschenen. Met Ganymedes en EdgeZero worden jaarlijks generieke speculatieve bloemlezingen uitgebracht waarin zowel Nederlandse als Belgische schrijvers staan. Na Voorbij de storm uit 2020 heeft Macc een tweede klimaatbundel in de maak, Welkom in de broeikaswereld, die later dit jaar verschijnt. Dergelijke verhalenbundels vallen echter, net als uitgegeven romans, buiten het inkoopbeleid van boekhandels, want die zijn vrijwel alleen geïnteresseerd in vertaalde speculatieve fictie. Werk van 99% van de Nederlandstalige schrijvers tref je gewoonweg niet in de winkel aan. Verkoop vindt online plaats en via festivals zoals Elfia, FACTS en Castlefest, waar de schrijvers zelf vaak de standjes bemensen en in gesprek gaan met liefhebbers van hun boeken.
De komeet is verschenen bij uitgeverij De Geus, een mainstream-uitgeverij. Bij Van der Velde, de boekhandelkolos hier in Groningen, ligt hij al enige tijd op de tafel met de bestsellers. De samenstellers en enkele van de schrijvers geven nog tot ver in de zomer boekpresentaties door het hele land. Hier in Groningen was in maart nog een presentatie bij de oude en gerespecteerde boekhandel Godert Walter. Er zijn daarnaast recensies van de bundel verschenen in de Volkskrant, Dagblad van het Noorden en de Leeuwarder Courant. Dit is een heel andere gang van zaken dan in die wereld aan de andere kant van de lijn. Daar vindt promotie vooral plaats via de social media, ‘blogtours’ en recensies door liefhebbers en kenners. Daar maken schrijvers en uitgevers zich zorgen over zoiets als de stijgende kosten van een standplek op een beurs.
Kwaliteitsverschil in vormgeving of redactie?
Heeft dit verschil in markt en mogelijkheden te maken met een kwaliteitsverschil? Zijn verhalen zoals die nu in een bundel van De Geus zijn verschenen beter dan die in de verhalenbundels en bloemlezingen die ik hierboven noem? Ik denk het niet. De verhalen in De komeet zijn beslist niet het beste dat in ons taalgebied op speculatief gebied wordt geschreven en uitgegeven. Er staan zeker goede verhalen in, maar een flink deel zou in de eerste ronde van een speculatieve verhalenwedstrijd zijn afgevallen, vanwege zwakke punten die ik in mijn bespreking bij verschillende verhalen benoemde: geen stuwing, een verhaalwereld die niet overkomt, overbodige details of juist infodumps, stroef taalgebruik. In het merendeel van de verhalen wordt je ongeloof niet aan de kant gezet en wordt het ‘Stel dat…’ niet echt werkelijkheid. In een willekeurige editie van Ganymedes of het tijdschrift HSF is ook niet elk verhaal even geweldig maar heb je de kenmerkende speculatieve beleving beslist vaker. In dat opzicht is het jammer dat uitgerekend deze bundel nu een zekere salontafelstatus heeft gekregen.
Is de vormgeving of de redactie van De komeet dan soms beter dan bij de kleine niche-uitgeverijen? Ook daar zie ik niet beslist verschillen. Recent heb ik een aantal titels van Zilverspoor en Quasis gelezen en die doen het even goed, al hebben zij dus niet veel middelen voor professionele tekstredactie.
In één opzicht moet ik voor wat betreft De komeet zelfs onomwonden kritisch zijn. Dat betreft de kwaliteit van de vertaling van Du Bois’ verhaal, door Adiëlle Westercappel. Omdat dat verhaal me bij het lezen erg stroef overkwam, heb ik op internet de oorspronkelijke Engelstalige versie opgezocht. Du Bois’ schrijfstijl bleek niet het euvel te zijn. Al in de eerste alinea, waarin Jim zijn onzichtbaarheid als zwarte man verwoordt, gaat het in de vertaling hopeloos mis:
Few ever noticed him save in a way that stung. He was outside the world – “nothing!” as he said bitterly.
In de vertaling is dit geworden:
Bijna nooit merkte iemand hem op, tenzij ze hem wilden kwetsen. Hij stond buiten de wereld. ‘Niets!’ zei hij verbitterd.
Niet alleen het ‘nothing’ is hier niet juist vertaald. Veel pijnlijker is het laatste deel van de eerste zin. Wie iets afweet van discriminatie weet dat ook witte mensen die niet doelbewust kwetsend willen zijn zich vaak naar iemand met een andere huidskleur gedragen ‘in a way that stung’. Bijvoorbeeld die ene zwarte vrouw waar iedereen meteen naar kijkt als er iets voorvalt. Of die zwarte schrijver die de hoofdingang van zijn uitgeverij binnenging en door de receptionist werd verwezen naar de leveranciersingang. Maar dit is niet de enige passage waar het misgaat. Ook in de indringende scene waarin Julia Jim als een baksteen laat vallen, gaat de vertaling mank. Nadat hij door de witte mannen eerst is aangezien voor een verkrachter wordt hem nu om zijn naam gevraagd. ‘Jim Davis,’ came the answer, hollowvoiced. In de vertaling is hier gekozen voor schuchter. Dit is bepaald niet de enige verkeerde woordkeus. Een cavern is geen kloof, terror betekent niet altijd terreur, to fly niet altijd vliegen en to cry niet altijd huilen. Refuse in a can is iets anders dan sardientjes in een blik, zeker in een beschrijving van tientallen mensen die dood op straat liggen. Verder kom ik veel registerfouten tegen. Du Bois’ (semi-)alliteratie en andere stijlkenmerken zullen niet makkelijk te vertalen zijn geweest, maar hij bracht een gruwelijke schreeuw uit toen hij er wanhopig vandoor schoot doet geen recht aan with one great, gasping cry he sprang desperately forward. De vertaling, kortom, is ronduit slecht. Pijnlijk, gezien het respect voor Du Bois dat wordt betoond in het voorwoord, en gezien de centrale plaats die dit verhaal in de bundel inneemt. Samenstellers en uitgeverij hadden hier beter op moeten toezien.
Relevantie versus wereldvreemd entertainment?
Krijgt De komeet dan soms meer aandacht omdat de Nederlandstalige speculatieve fictie te wereldvreemd is en alleen maar gaat over ruimteschepen, elfen en zombies in plaats van over het echte leven? Beslist niet! Naast verhalen die enkel willen vermaken en verwonderen wordt er in Nederlandstalige sciencefiction- fantasy- en horrorverhalen bij het leven af gereflecteerd op en gepiekerd over mens, maatschappij en wereld. Dit geldt bijvoorbeeld voor de winnende verhalen van de afgelopen edities van de EdgeZero-wedstrijd. De schrijvers van De komeet spreken zich uit over enkele bredere sociale thema’s, maar bovenal zeggen zij iets over de ongelijkheid tussen mensen op basis van huidskleur, over de ontheemdheid van vluchtelingen en hoe zij behandeld worden door kille systemen, over de (erfenis van) koloniaal denken, en over het belang van culturele eigenheid. Dergelijke thema’s komen inderdaad niet zo vaak aan de orde in Nederlandstalige speculatieve fictie. (Daar waar het gaat om identiteit of ongelijkheid zijn bijvoorbeeld LHBTQ+-thema’s wel vrij goed vertegenwoordigd.) In dat opzicht heeft deze bundel beslist meerwaarde en mag het genre inderdaad minder wit worden. Tegelijkertijd krijgt een bundel met speculatieve verhalen door Nederlandstalige schrijvers over het klimaat (toch ook een onderwerp dat sterk leeft) deze aandacht niet. Ik herinner mij tenminste niet dat ik Voorbij de storm destijds in de boekhandel heb zien liggen, of dat de mainstream pers er aandacht aan besteedde.
De schrijver als activist en publicist
Kwaliteitsniveau, redactie en thematiek verklaren dus niet waarom De komeet er kwam en deze aandacht krijgt. Volgens mij is er iets anders aan de hand. Bij het schrijven van dit artikel heb ik informatie over de deelnemende schrijvers opgezocht via hun websites en Facebook. De namen zeiden mij namelijk vrijwel niets; alleen Roderick Leeuwenhart is goed bekend binnen het Nederlandstalige speculatieve wereldje. Mij viel iets op. Deze schrijvers zijn bijna zonder uitzondering actief als pleitbezorger voor bijvoorbeeld vrouwenrechten, het Indische verleden of zwart verzet in de wereld. Gargard was zelfs enkele jaren geleden de Nederlandse vrouwenvertegenwoordiger bij de VN. Veel van de schrijvers verschijnen met columns of interviews over deze onderwerpen in landelijke dagbladen en bijvoorbeeld de Groene Amsterdammer of Correspondent, of worden geïnterviewd op NPO Radio. Deelname aan De komeet zal voor het merendeel van de schrijvers vooral een manier te zijn geweest om dat wat zij proberen te bereiken ook op deze manier voor het voetlicht te brengen. Dat zoveel van de verhalen primair een statement zijn, is dan ook niet verrassend.
Dit is, kortom, een ander wereldje. Deze schrijvers zijn geen mensen die uit liefde speculatieve fictie zijn gaan schrijven of uitgeven, en die met dozen gevuld met hun romans en bundels in de achterklep naar Elfia rijden om daar twee dagen in thermisch ondergoed te staan kleumen achter een kraampje. Uit het interview op Fantasize met de twee samenstellers blijkt dat zij met hun boekvoorstel twee mainstream-uitgevers geïnteresseerd vonden. Ze hebben daarnaast gericht schrijvers benaderd met de vraag of die mee wilden doen. Ik vermoed dat deze bundel niet mogelijk was geweest zonder deze bekende Nederlanders, die immers in de praatprogramma’s, kranten, tijdschriften en boekhandels al op de netvliezen staan. Zoiets eigenaardigs als een bundel met speculatieve verhalen wordt daarmee voor veel betrokken partijen een stuk minder riskant, zowel financieel als voor wat betreft de intellectuele status. Verschillende van de schrijvers hebben daarnaast banden met De Geus, waardoor promotie voor de bundel tevens extra promotie genereert voor hun romans.
We doen het goed maar we doen niet het goede
Hier spelen dus allerlei argumenten mee die niet veel te maken hebben met (verhaal)kwaliteit of met promotie van het Nederlandstalige speculatieve genre. Je kunt er van alles van vinden (en ik vind er zeker wel wat van) maar dit is anno 2023 wel de realiteit. De boekenmarkt is oververzadigd. Aandacht genereren bij uitgevers, boekhandels, recensenten, radiomakers en tijdschriftredacties gebeurt op het scherp van de snede. Een bundel die kan leunen op de bekendheid van deelnemende auteurs heeft een streepje voor. Een bundel of roman met engagement heeft ook een streepje voor, want dat maakt dat verhalen en hun schrijvers vanuit zowel een literair als een maatschappelijk oogpunt interessant zijn voor bijvoorbeeld een weekblad dat kopij zoekt.
De lijn ligt dus anders dan wij binnen het genrewereldje plegen te denken. Het is niet dat we het niet goed doen. Het is eerder dat we niet het goede doen. Als we als Nederlandstalig genrewereldje beter in zicht willen komen bij het grote publiek dan zijn dit zaken waar we over na te denken hebben.
Lees ook
Verantwoording
Algemeen
De uitgelichte afbeelding bij dit essay is de titelpagina van Darkwater: voices from within the veil van W.E.B. Du Bois (zie link hieronder).
Verhalen
De komeet, speculatieve verhalen, samengesteld door Vamba Sherif en Martijn Lindeboom (De Geus, 2023), eboek naar de eerste druk.
W.E.B. Du Bois, The comet, in Darkwater: voices from within the veil (New York, 1920), op https://archive.org/details/darkwatervoicesf00duborich
Overige gebruikte informatie
Interview met Vamba Sherif en Martijn Lindeboom door Isabelle Plomteux (Fantasize, 9 mei 2023), op https://www.fantasize.nl/actueel/interview-met-vamba-sherif-en-martijn-lindeboom-over-de-komeet-deel-1/
Interview met verschillende van de deelnemende schrijvers door Isabelle Plomteux (Fantasize, 16 mei 2023), op https://www.fantasize.nl/actueel/interview-over-de-komeet-met-verschillende-deelnemende-auteurs-deel-2/
Van opleiding naar bundel, Martijn Lindeboom (Hebban, 14 februari 2022), online niet meer beschikbaar
Verwacht het onverwachte, George van Hal (Volkskrant, 30 maart 2023)
Komeetinslag vernietigt Groningen, maar brengt ons samen, Joep van Ruiten (Dagblad van het Noorden, 27 maart 2023)
Wikipedia, o.a. over W.E.B. Du Bois en voor informatie over diverse referentiekaders in de verhalen
Facebook en websites van de individuele schrijvers
Publicatiehistorie van dit essay
Dit essay verscheen in juni 2023 als het tweede deel van een blog getiteld De komeet: lijnen tussen werelden op Hebban.
